Scenariotraining in jaar 3 en 4:

studenten ontwikkelen zelfvertrouwen


Tekst: Mart Bakker


Bij AVAG ontwikkelden docenten een training voor studenten om hen te leren omgaan met complexe casuïstiek en hun zelfvertrouwen in hun handelen hierbij te vergroten.

De aanleiding tot het ontwerpen van deze training ligt in de laatste onderwijskundige inzichten rond: “Hoe leren de studenten het beste” en in de laatste ontwikkelingen rond Crisis Resource Management (CRM) en hoe effectief te handelen. AVAG volgt deze inzichten en ontwikkelde een nieuwe werkvorm: het scenario-onderwijs. Deze wordt op beide locaties (Amsterdam en Groningen) door speciaal hiervoor geschoolde docenten verzorgd samen met een klinisch verloskundige en/of een ambulanceverpleegkundige.


Niet alleen de beheersing van medisch technische handelingen maken een goede verloskundige, maar er is meer voor nodig. Door een zo echt mogelijke situatie na te bootsen (een real life case) worden studenten in het scenario-onderwijs uitgedaagd om te laten zien dat ze kunnen samenwerken, dat ze veiligheidsnormen in acht kunnen nemen, handelingen kunnen uitvoeren en kunnen overdragen. Daarbij leren ze ook om dezelfde taal te spreken als de andere zorgverleners, zodat zo weinig mogelijk misverstanden kunnen ontstaan. In jaar 3 bestaan de trainingsgroepen uit acht studenten, in jaar 4 zijn dat vier studenten per groep.

Het verschil met de training in jaar 3 is dat, naast een kleinere groepsgrootte, het om complexere casuïstiek gaat, zoals schouderdystocie, stuitligging en reanimatie neonaat. Hier speelt het onverwachte element een grotere rol.


Het gaat dan niet alleen om adequaat handelen volgens standaarden/richtlijnen, maar om hoe je omgaat met onverwachte situaties. Ben je in staat om je kennis, vaardigheden, inzicht in te zetten in een onverwachte nieuwe situatie. Naast een docent Verloskunde van AVAG is er een externe professional uit het werkveld (klinisch verloskundige of ambulance verpleegkundige) en een kraamverzorgende aanwezig bij het onderwijs. De docent Verloskunde of de externe professional neemt in het 10 minuten durende scenario de rol van de cliënt op zich, de kraamverzorgende is aanwezig in haar eigen rol. Na het gespeelde scenario volgt een debriefing. Samen met de docenten en de andere studenten wordt dan teruggeblikt op het gespeelde scenario.

POET-TRAINING JAAR 4

Op alle verloskunde-opleidingen wordt ook in jaar 4 de POET (Prehospital Obsetric Emergency Training) aangeboden. Deze is ontwikkeld in Engeland, naar het voorbeeld van een zelfde soort training (MOET) voor gynaecologen. Bij de POET gaat het om onderwerpen als: bloedverlies, fluxus, reanimatie volwassenen, toegespitst op ABCD. Binnen deze training speelt de overdracht ook een grote rol en is er aandacht voor de ISBARR en daarbinnen ABCD.


Er is veel energie en inzet geleverd in het ontwikkelen en uitvoeren van deze onderwijsvorm. De docenten zijn allemaal POET-geschoold, hebben het certificaat NLS (National Lifeguard Course, ontwikkeld in Toronto) en hebben de driedaagse EUSIM-training (European Simulator Instuctors Course) gedaan. Er zijn nieuwe fan­tomen aangeschaft om het real life-gehalte zo­ veel mogelijk te benaderen. De docent-student ratio is heel hoog. Het gaat hier om een zeer intensieve vorm van onderwijs.


Studenten ervaren de training als zeer leerzaam. Deze onderwijsvorm biedt een rijkdom aan leermomenten in een beschutte leeromgeving waardoor studenten het zelfvertrouwen ontwikkelen om ook in onverwachte situaties goed te handelen.